De hemel is grijs, bijna overal loodgrijs, met enkele lichter stukken ertussen. Gelukkig waait het nauwelijks en de voorspellingen achtten de regenkans klein. Over de natte zwarte akkers, klinkt het schorre gekras van de onzichtbare kraaien, dat zich even vermengt met het gebeier van de klokken. De fietser gaat door het onherbergzame decor. In het dorp pauzeert hij even. Er wordt een perceel te koop aangeboden; het is overwoekerd met onkruid. Het christusbeeld overziet de kruising waar af en toe een auto passeert. Onderweg de contouren van grote landbouwmachines, bezig met het verplaatsen van wat er op het land is achtergebleven. Uit het bos klinken diergeluiden. Ondanks dat, is het vooral erg stil. Een watterige stilte, waarin alle geluid dof wordt gesmoord. Op de terugweg komt hem een klein peloton tegemoet, dat al van verre zichtbaar is. De rode tricots steken flink af tegen het landschap in herfstkleuren.

Geen opmerkingen:
Een reactie posten